Veel ouders vragen zich af: wanneer slaaproutine beginnen? Met 7 of 8 weken ben je zeker niet te vroeg, maar je hoeft ook niet bang te zijn dat je al een belangrijk moment hebt gemist.
In de eerste weken weet een baby nog nauwelijks verschil tussen dag en nacht. Slaapjes zijn verspreid over de hele dag, en door het kleine maagje zijn frequente voedingen nodig. Rond de leeftijd van twee maanden verandert er langzaam iets.
Het circadiaans ritme baby, oftewel de biologische klok, begint zich te ontwikkelen. Je baby leert stap voor stap dat overdag licht, geluid en activiteit horen, en dat de nacht rustiger is en langere slaapmomenten kan bieden. Ook de aanmaak van melatonine baby, het hormoon dat slaperigheid stimuleert, komt rond deze periode geleidelijk op gang.
Misschien herken je al kleine patronen:
Dat betekent niet dat je baby al toe is aan een strak schema. Integendeel. Wel kun je beginnen met herkenbare, rustige signalen. Je laat je baby iedere avond opnieuw voelen: „Nu komt de nacht eraan.”
Een routine is geen minutenschema op de koelkast waarop elke voeding en elk dutje vastligt. Bij een baby van twee maanden kunnen voedingen verschuiven, dutjes kort uitvallen en dagen totaal anders lopen dan gepland. Dat hoort bij deze fase van baby slaap.
Een routine draait vooral om een vaste volgorde van gebeurtenissen.
Je baby hoeft dus niet elke avond precies om 19.30 uur te slapen. Maar als het bedtijd wordt, kan hij of zij wel steeds dezelfde signalen gaan herkennen: het licht gaat zachter, de pyjama gaat aan, er komt een voeding, het wordt stil en daarna volgt het bedje.
Die herhaling maakt het verschil.
Een flexibel slaapritme baby volgt op deze leeftijd de signalen van je kind, in plaats van de klok. Let bijvoorbeeld op vermoeidheidssignalen zoals:
Sommige baby’s geven subtiele signalen. Andere gaan in anderhalve minuut van vrolijk naar ontroostbaar. Je leert je eigen baby steeds beter lezen.
De beste bedtijdroutine baby is een ritueel dat je ook op een vermoeiende avond kunt volhouden. Je hebt geen speciale producten, afspeellijsten of uitgebreide stappenplannen nodig. Juist een eenvoudige aanpak werkt vaak het prettigst.
Reken op ongeveer 15 tot 20 minuten. De volgorde mag je aanpassen aan jullie gezin, maar probeer die daarna zoveel mogelijk hetzelfde te houden.
Dim het licht ongeveer een halfuur voor bedtijd.
Zachter licht helpt de biologische klok van je baby te begrijpen dat de dag afloopt. Het hoeft nog niet pikdonker te zijn, maar verruil felle plafondlampen voor een schemerlamp of zacht nachtlampje.
Geef eventueel een warm badje.
Sommige baby’s worden heerlijk ontspannen van badderen. Anderen raken er juist helemaal wakker en uitgelaten van. Wordt jouw baby er druk van, sla het badje dan over of plan het eerder op de avond. Dagelijks badderen is niet nodig.
Doe een schone luier en pyjama aan.
Dit is een duidelijk signaal voor de nacht. Houd het rustig, praat zacht en maak er geen speelkwartier van.
Geef een voeding.
Bij baby slapen 2 maanden is voeden voor het slapengaan heel normaal. Borstvoeding of flesvoeding kan nog een belangrijk onderdeel van het inslapen zijn. Je hoeft voeding en slaap niet krampachtig van elkaar los te koppelen als je baby daar nog niet aan toe is.
Kies één rustig herkenningsmoment.
Zing een kort liedje, lees een paar bladzijden uit een stevig kartonboekje of zeg iedere avond dezelfde lieve woorden. Je baby begrijpt de tekst nog niet, maar herkent wel je stem en het ritme.
Leg je baby in het eigen bedje.
Gebruik een stevig, vlak matras en volg het advies van het consultatiebureau en Veilig Slapen. Leg je baby altijd op de rug in een leeg bedje, zonder kussen, losse dekens, knuffels, nestjes of positioneringskussens. Een goed passende slaapzak is doorgaans een veilige keuze.
Het hoeft niet foutloos te gaan. Heb je het boekje overgeslagen omdat je zelf nog snel moest eten of omdat je baby hard huilt? Geen probleem. Doe wat lukt en pak de draad de volgende avond weer op.
Voor veel gezinnen ligt een passende bedtijd voor een baby van twee maanden ergens tussen 19.00 en 20.00 uur. Dat klinkt soms vroeg, vooral als je baby de eerste weken pas rond 22.00 uur echt voor de nacht leek te gaan slapen.
Toch werkt een vroegere bedtijd vaak beter dan een vermoeide baby proberen wakker te houden tot de avond voorbij is.
Aan het einde van de dag stapelen prikkels en vermoeidheid zich op. Na korte dutjes, voedingen en alle nieuwe indrukken kan de slaapdruk hoog zijn. Een baby die te lang wakker blijft, wordt oververmoeid. Dat ziet er niet altijd uit als slaperigheid. Sommige baby’s lijken juist extra alert, huilerig en vastbesloten om niet te slapen.
Past 19.00 tot 20.00 uur nog helemaal niet bij jullie? Schuif de bedtijd dan rustig op, bijvoorbeeld met 15 minuten om de paar avonden. Kijk wat je baby doet. Een kalmere avond en een redelijk eerste slaapblok zijn goede aanwijzingen dat jullie op de juiste weg zitten.
Met 7 tot 8 weken kunnen de meeste baby’s ongeveer 60 tot 90 minuten wakker zijn tussen twee slaapjes. Dit wordt vaak een wakkertijd genoemd.
In die tijd zit alles: voeden, verschonen, knuffelen, even op een speelkleed liggen, naar buiten kijken of gefascineerd naar een lamp of plafondventilator staren. De wakkertijd begint zodra je baby wakker wordt, niet pas na de voeding.
Een dag kan er bijvoorbeeld zo uitzien:
De laatste wakkertijd van de dag mag juist korter zijn. Dat is voor veel ouders even wennen. Je zou denken dat een baby voor de nacht langer wakker moet blijven, maar juist aan het eind van de middag wordt slapen vaak lastiger. Een kort dutje gevolgd door een rustig, kort wakkermoment kan de bedtijd beschermen.
Is je baby na 90 minuten nog tevreden? Raak niet in paniek. Raakt je baby na 45 minuten al overstuur, reageer dan op het kind dat voor je staat. Wakkertijden zijn hulpmiddelen, geen harde regels.
Een van de prettigste manieren om het circadiaans ritme baby te ondersteunen, is door dag en nacht duidelijk anders te laten voelen.
Open de gordijnen na het wakker worden in de ochtend. Ga bij een raam zitten of maak, als het uitkomt, een wandeling buiten. Normale geluiden in huis mogen er gewoon zijn. Je hoeft tijdens ieder dutje niet op fluisterstand te leven.
Overdag kan bestaan uit:
Maak nachtvoedingen zo rustig en oninteressant mogelijk. Houd het licht laag, praat weinig en vermijd een fel telefoonscherm naast het bedje. Verschoon je baby als de luier ontlasting bevat, erg nat is of als je baby er duidelijk last van heeft. Bij elke voeding uitgebreid verschonen is niet altijd nodig.
De boodschap is eenvoudig: overdag is er contact en activiteit, ’s nachts eten we en gaan we weer slapen.
Dat verandert het 2 maanden baby slaapritme niet van de ene op de andere dag. Wel geef je de biologische klok van je baby elke dag opnieuw heldere informatie. Zo kun je stap voor stap ontdekken hoe slaapritme ontwikkelen baby in jullie gezin werkt.
Misschien heb je de term „slaperig maar wakker” al gehoord. Daarmee wordt bedoeld dat je je baby in bed legt wanneer hij of zij moe en ontspannen is, maar nog niet volledig in je armen is ingeslapen.
Het idee erachter is dat je baby af en toe kan ervaren waar hij of zij in slaap valt. Sommige baby’s leren daardoor na verloop van tijd gemakkelijker opnieuw in hetzelfde bedje in slaap te komen na een nachtelijke voeding.
Bij twee maanden is dit echter oefenen, geen examen.
Probeer het bijvoorbeeld één keer per dag, liefst rond bedtijd wanneer de slaapdruk het grootst is. Voed en knuffel je baby tot hij of zij rustig is en zware oogjes krijgt. Leg je baby dan neer. Mopperen ze even? Wacht kort af en bied geruststelling met een hand op de borst, zacht sussen of je rustige aanwezigheid.
Loopt het huilen op, pak je baby dan op. Troost hem of haar. Je kunt later nog eens proberen, maar je mag je baby die avond ook gewoon in je armen laten inslapen.
Een baby van twee maanden hoeft niet te huilen als onderdeel van een slaaproutine 2 maanden. Je bouwt vertrouwdheid op, niet zelfstandigheid op commando. Je baby heeft nog veel hulp nodig bij het reguleren van gevoelens en spanning.
Een routine kan de avonden rustiger maken. Misschien valt je baby sneller in slaap of wordt het eerste slaapblok in de nacht geleidelijk langer. Maar een routine is geen garantie dat je baby doorslaapt.
Op deze leeftijd is het normaal dat baby’s 2 tot 4 keer per nacht wakker worden voor een voeding. Sommige baby’s komen vaker, bijvoorbeeld tijdens een groeispurt, bij ziekte, in een periode van clustervoeden of wanneer er veel ontwikkeling plaatsvindt. Baby’s die borstvoeding krijgen, kunnen vaak om voeding vragen in de nacht. Ook flesgevoede baby’s kunnen regelmatig wakker worden.
Dat betekent niet dat je iets verkeerd doet.
Het doel van een slaaproutine baby is niet om een perfecte slaper te maken. Het gaat om zachte voorspelbaarheid. Een herkenbaar avondritueel kan je baby veiligheid geven en jou wat meer houvast op dagen die chaotisch voelen.
Houd het klein. Volg de signalen van je baby. Herhaal de vertrouwde stappen op de meeste avonden.
Dat zijn de fijnste slaaproutine tips voor nieuwe moeders en ouders die willen ontdekken hoe slaaproutine opbouwen baby. Meer hoeft er nu niet te zijn.